Berekening resultaat

Het resultaat wordt berekend door de score behaald met de correcte antwoorden (1 punt per correct antwoord) te verminderen met de score behaald met de incorrecte antwoorden (de foutscore), waarbij vraagtekens als nul geteld worden. De foutscore wordt berekend met behulp van de volgende formule:

FOUTSCORE = – 1/(a-1)

Hierin is a het aantal aangeboden keuzealternatieven. Deze formule levert de volgende scoretabel op bij het fout beantwoorden van een:

  • 2-keuzevraag: – 1 punt;
  • 3-keuzevraag: – 1/2 punt;
  • 4-keuzevraag: – 1/3 punt;
  • 5-keuzevraag: – 1/4 punt.

Bij een niet ingevuld antwoord zal de computer automatisch een “?” invullen. Dit gaat echter vaak gepaard met fouten bij het automatisch inlezen. Streep dus altijd een antwoord aan en streep het “?” aan als je voor die optie kiest.

Als student kun je commentaar op vragen indienen, onderbouwd met literatuur. Wanneer blijkt dat aanpassing van de antwoordsleutel nodig is, vindt eenmalig een herberekening van de resultaten plaats.

De procentuele score is vervolgens gelijk aan 100 maal de absolute score gedeeld door het aantal vragen dat de uiteindelijke VT heeft omvat (dus na aftrek van eventueel vervallen vragen). De aanduiding ‘Score’ wordt gebruikt (in plaats van vroeger: ‘Goed – Fout’) omdat bij meerkeuzevragen in het algemeen niet meer geldt dat de percentuele toetsscore gelijk is aan de percentuele goedscore min de percentuele foutscore.